Categorie archief: Over afvallen

Eindelijk mag het!

111020 zwanger (3)Als ik straks zwangerschapsverlof heb, mag ik…

… dingen doen die ik leuk vind
… uitrusten als ik moe ben
… eten als ik honger heb
… mijn eigen tempo bepalen
… lekker vroeg naar bed gaan als ik slaap heb
… heel goed voor mezelf zorgen
… hulp vragen als ik die nodig heb
… onbelangrijke dingen van me afzetten

Hee, eigenlijk verandert er dus niks!

En bij jou? Wordt het bij jou al tijd dat je net doet alsof je vrijwel elke dag zwangerschapsverlof hebt?

Doorslaan en eetbuien

Veel mensen die lijnen of gelijnd hebben, zullen het herkennen: een tijd lang goed bezig zijn en dan ineens doorslaan en (bijna) niet meer in het gareel kunnen komen. Er is niet een bepaalde oorzaak voor; je eerste moment van ‘losgaan’ kan door van alles komen. Maar een aantal veel voorkomende oorzaken zijn:

  • Te weinig eten (of te weinig voedzame dingen eten), waardoor je lichaam op een gegeven moment ingrijpt en de schade in gaat halen. De overlevingsdrang van je lichaam is zo sterk dat je het niet kunt blijven winnen, hoeveel discipline je ook hebt. Op een gegeven moment geef je je over.
  • Steeds denken in regels en verboden, waardoor je op een gegeven moment opstandig wordt of jezelf zielig gaat vinden en gewoon behoefte krijgt om je even niet meer aan de regels te houden.
  • Iets in je omstandigheden waardoor je je discipline kwijtraakt om steeds gezonde keuzes te maken, bijvoorbeeld vermoeidheid of stress. Die twee dingen zorgen trouwens ook voor meer zin in eten, vooral in zoete dingen. Dat heeft met je hormoonsysteem te maken.

Als je je eenmaal een keer hebt uitgeleefd, heeft dat natuurlijk allerlei effecten op je. Misschien krijgt je lichaam ineens een hoop suiker binnen, waardoor je energiehuishouding en je hormoonsysteem in actie komen – en je waarschijnlijk zin krijgt in meer suiker. Of je denkt: “Nu is het verpest, dus ik kan net zo goed doorgaan met alles eten wat los en vast zit.”. Je kunt je bijvoorbeeld ook schuldig voelen of teleurgesteld zijn in jezelf, omdat je het weer niet hebt volgehouden. In de meeste gevallen is je zelfvertrouwen in ieder geval een stuk kleiner geworden. Geen goede basis om je dieet weer rustig op te pakken.

De beste manier om doorslaan, eetbuien en terugval te voorkomen is dus niet om in hetzelfde kringetje te blijven draaien: streng zijn tegen jezelf tot je het niet meer volhoudt en dan na een tijdje weer streng zijn (ook om jezelf te straffen voor de terugval) tot je het niet meer volhoudt. enzovoort. Wees eerlijk: je hebt al bewezen dat het niet werkt. Je lichaam raakt van slag en je vertrouwen neemt af.

Wat wel helpt: je dieetregime vervangen door een plan om in alle opzichten goed voor jezelf te zorgen. Kijk maar eens naar het lijstje met oorzaken. Die dingen vervallen als je alles krijgt wat je nodig hebt, zowel voor je lichaam als voor je geest. Oefenen in voor jezelf zorgen is misschien niet de snelste oplossing als je wilt afvallen, maar je gaat je wel in alle opzichten beter voelen en je lost de oorzaken van je overgewicht voorgoed op. Stel je eens voor wat een omslag dat zou geven!

Toch geen water drinken?

De afgelopen weken kwam ik een paar keer (nieuws)berichtjes tegen dat het advies om dagelijks water te drinken ter discussie gesteld was. Met andere woorden: ‘je moet je maar niet te druk maken als je weinig water drinkt en misschien is het zelfs slecht voor je om veel water te drinken’.

Omdat niet alle berichten duidelijk geformuleerd waren (omdat ‘er is iets geroepen maar er is geen nieuws’ nu eenmaal geen nieuws is), probeer ik even de logica weer terug te brengen in het verhaal.

  1. Als je meet hoeveel vocht wij gemiddeld kwijtraken op een dag (door plassen, zweten, uitademen) en hoeveel we binnenkrijgen (door vocht in voeding en in de lucht die we inademen), blijkt dat er 1,5 liter ontbreekt. Dat zou je dus moeten drinken op een dag om het evenwicht in stand te houden.
  2. Er lijkt geen bewijs te zijn dat extra veel water drinken goed is en zoveel water kan je lichaam ook belasten. Behalve als het warm is of je veel zweet natuurlijk, dan verlies je namelijk ook meer water.
  3. Er werd in de nieuwe berichten aangegeven dat de bedrijven die water verkopen je graag wijsmaken dat je flesjes water moet kopen en leegdrinken om gezond te blijven. In Nederland hebben we prima kraanwater, dus dat hoeft niet. Al die flesjes zijn nog slecht voor het milieu ook.
  4. Vocht uit andere dranken telt ook mee voor je anderhalve liter, behalve alcoholische drank (omdat het afbreken van alcohol veel water vraagt). Van koffie en zwarte thee wordt ook wel gezegd dat het minder effectief is, maar het effect is zeker niet nul.
  5. Een belangrijker argument om water te kiezen in plaats van fris, lightdrank, sap, koffie of thee zou kunnen zijn: als je lichaam dorst heeft, wil het water. Als je dat toch gaat wegklokken of gedachtenloos gaat opdrinken, waarom zou je er dan een smaakje bij moeten hebben? En misschien zelfs suikers of andere stofjes, waar je lichaam op dat moment niet om vraagt?
  6. Ga je iets anders drinken dan water, dan kun je wel andere goede redenen hebben dan dorst. Misschien bevat je drankje voedingsstoffen die je graag wilt binnenkrijgen. Of je hebt zin in precies die smaak. Dan wel goed proeven he, slokje voor slokje! En stoppen als je genoeg hebt. ;-)
  7. Water drinken als je honger hebt, is net zoiets als eten als je moe bent. Het vervult je echte behoefte niet en houdt je lichaam onrustig.

Een argument dat ook opduikt in de berichtgeving, is dat je ‘gewoon’ naar de behoeftes van je lichaam kunt luisteren en de aanbeveling van hoeveel je moet drinken, naast je neer kunt leggen. In beginsel vind ik dat een mooi uitgangspunt, want je lichaam kan vaak goed aangeven wat het nodig heeft. Dus zou je zeggen: drink als je dorst hebt.

MAAR! We zijn zoveel met ons hoofd bezig tegenwoordig, dat we vaak onze aandacht niet bij ons lichaam hebben. En als je iets voelt in je lichaam, is de vraag of je altijd weet te herkennen welke behoefte je nou voelt. Zo dronk ik in mijn tienertijd bijna nooit iets en ik voelde ook geen dorst. Ik had wel altijd hoofdpijn, maar dat verband zag ik niet. Wist ik veel. Toen ik regelmatig water ging drinken, was die hoofdpijn wel binnen de kortste keren weg!

Misschien is een goede richtlijn dus wel: als je veel aandacht hebt voor je lichaam en je behoeftes en ze goed weet te herkennen, ga dan gerust af op je dorstgevoel. Heb je dat niet, of twijfel je, mik dan op 1,5 liter water of kruidenthee per dag. Ander drinken meetellen mag ook, maar neem dat andere drinken alleen als het je wat extra’s oplevert. En als je veel zweet of het is erg warm, neem dan wat extra.

De verkeerde tekst

afvallen, dieet, afslanken, lijnenWie net begonnen is met een dieet en zich aan de regels heeft gehouden, gebruikt nogal eens zinnetjes als ´ik heb me netjes gedragen´ en ´ik ben sterk geweest´. Ik denk dat ze daarmee ook zeggen: ‘zondigen is niet netjes’ en ‘snaaien of me tegoed doen aan lekker eten is zwak’.

Dit soort zinnen duiden op een gevecht met jezelf. In het begin win je dat meestal nog, omdat je nog niet zo lang bezig bent en nog genoeg kracht kunt opbrengen. Maar er gaat geheid een moment komen dat je je minder goed voelt en de kracht niet kunt opbrengen. Als je dan teleurgesteld raakt door je ‘misser’ of je zelfvertrouwen wordt minder, kan het zijn dat je helemaal terugvalt en je ‘nette’ gedrag niet meer weet terug te vinden.

Misschien is het daarom de moeite waard om andere zinnen te gaan gebruiken, zoals ‘ik heb keuzes gemaakt die me rust geven’ of ‘ik heb goed voor mezelf gezorgd’? Dat zijn namelijk dingen die je altijd wilt blijven doen. Terwijl ‘altijd maar netjes en sterk zijn’ de meeste mensen een keer de keel uit gaat hangen. ;-)

Een goed plan maken voor blijvend afvallen – waar let je op?

Alles lezen over afvallen, naar ieders advies luisteren en dan proberen alles tegelijk goed te doen, kost je waarschijnlijk heel veel inspanning. En vooral: je zou wel eens vast kunnen lopen. Wie weet helpen deze tips je:

1. Begin met een beetje realisme.
Ga na hoe lang je al met je gewicht worstelt en bedenk hoeveel tijd je nodig zult hebben om dat helemaal om te keren. Besef ook dat je niet alles tegelijk kunt veranderen. Geef jezelf toestemming om het stap voor stap aan te pakken en steeds meer plezier te krijgen in hoe je je ontwikkelt. Want je gaat je zeker ontwikkelen!

2. Kijk naar patronen, niet naar los gedrag.
Jezelf vertellen dat je altijd gezond moet eten, elke dag moet bewegen, steeds op tijd naar bed moet, nooit meer dan één glas wijn mag, altijd aardig moet zijn, zes glazen water moet drinken (enzovoort) levert een lange lijst met eisen op die je nooit allemaal tegelijk in de gaten kunt houden. En al die soorten gedrag hangen samen. Je kunt een dus iets revolutionairs doen: je aandacht verleggen naar patronen in je gedrag. Als je die verandert, verbeteren je gewoontes vanzelf mee. De patronen liggen vaak op een van deze gebieden:

1. Rust in je lichaam:

  • Basisbehoeftes – weet je die te herkennen en als je ze herkent, vervul je ze dan ook?
  • Inspanning en ontspanning – zijn die in balans, of krijg je teveel of te weinig?

2. Rust in je hoofd:

  • Tijd en energie – besteed je die aan belangrijke dingen of niet?
  • Omgaan met onrust – kun je die verdragen in plaats van hem weg te drukken (b.v. met eten)?

3. Begin bij het begin
Kies een logische volgorde: begin bij iets wat je gemakkelijk kan veranderen en wat je een basis geeft voor volgende stappen. Pak pas een volgende stap op, als je eerste stap je gemakkelijk afgaat.

4. Maak van je wensen concrete acties
“Ik wil mijn tijd voortaan aan belangrijke dingen besteden, zodat ik energie overhoud” is geen actie maar een wens. Bij zo’n wens horen acties: dingen die je nu meteen kunt gaan doen. Stel jezelf bij je wens of je besluit de vraag: “Wat zou ervoor nodig zijn om…?” In dit geval “… om mijn tijd aan belangrijke dingen te besteden”. En ga daar even goed op in voor jezelf, tot dat je concrete acties voor jezelf hebt gevonden.

 5. Houd je acties op orde.
Vaak ontstaat er een lange lijst acties als je bedenkt wat er nodig is om… (je tijd aan belangrijke dingen te besteden). Noteer die acties voor jezelf en kies er dan eentje uit (eventueel twee, als ze eenvoudig zijn) waar je mee begint. De actie die je nu oppakt, moet er een zijn die je heel haalbaar lijkt en die je ook iets op gaat leveren. Daardoor versterk je je zelfvertrouwen en je motivatie, zodat je een volgende actie van je lijstje kunt oppakken als die eerste gelukt is.

Het hoeft niet allemaal vandaag; het is de bedoeling dat je je hele leven bezig blijft je te ontwikkelen. Maar het zou wel mooi zijn als je nu meteen wilt beginnen! Dan weet je dat je een goed, concreet en haalbaar plan hebt bedacht.

Vermaak jij je nog een beetje?

Er was eens een (lange) tijd dat mensen de hele dag bezig waren om eten, water en een veilige schuilplaats te vinden. Tegenwoordig zijn die dingen gelukkig voorhanden voor de meeste mensen. Maar dat betekent dat we onze tijd nu aan andere dingen moeten besteden. Bijvoorbeeld aan werk, waarmee je geld verdient om je eten en je slaapplaats te kunnen behouden. En er zijn steeds meer dingen die we als eerste levensbehoefte beschouwen. Al zijn ze dat natuurlijk niet echt, want zonder gsm of televisieaansluiting kun je echt gewoon overleven. ;-)

Ter compensatie van al dat werk gaan mensen op zoek naar vermaak en plezier. Gek genoeg zorgt onze welvaart ervoor dat dat lastig kan worden. Ten eerste omdat we zoveel met ons hoofd werken, dat we dat hoofd moeilijk kunnen ‘uitzetten’ als we willen ontspannen. Maar ook omdat we zoveel mogelijkheden hebben, dat alles steeds minder bijzonder wordt. Hoe vind je nog een activiteit die je een nieuwe ervaring bezorgt, je verrast of je hardop laat lachen als je elke dag door heel Nederland reist, in verre landen op vakantie bent geweest, de wereldkeuken terugvindt in je supermarkt, via internet contact legt met wie je maar wilt, al zo vaak naar het theater of de film bent geweest en het wereldnieuws op tv hebt gezien?

De oplossing zit misschien wel in teruggaan naar eenvoudige dingen. Plezier zit meestal in kleine dingen, niet in grootse en meeslepende. Goed luisteren naar iemand bijvoorbeeld, je eten echt proeven of kijken naar details in gewone dingen.

Wanneer heb jij voor het laatst echt plezier gehad en waar kwam dat door? Je reactie is welkom hieronder; hij kan vast anderen inspireren!

Zelfvertrouwen opbouwen

Marcel vond dat hij zijn zelfvertrouwen moest vergroten bij het contact leggen met meisjes in het café. Hij besloot dat hij voortaan elke keer als hij met zijn vrienden in het cafe was, met een leuk meisje een gesprek moest aanknopen. Het effect daarvan was, dat hij enorm opzag tegen het eerstvolgende cafébezoek (terwijl hij dat normaal altijd leuk en ontspannen vond). Zijn vrienden zeiden dat hij zo gestrest overkwam en vroegen of er soms iets was.

Toen hij vertelde over zijn plan om vaker contact te maken met meisjes, maakten ze daar grapjes over. Ze gingen hem opjutten bij elk meisje dat in beeld verscheen. Uiteindelijk vroeg Marcel zwetend iets praktisch aan het meisje achter de bar, om er maar van af te zijn. Daarna ging hij naar huis en liet hij zijn plan om contact te leggen met meisjes meteen varen. Het duurde drie weken voor hij weer met zijn vrienden mee ging naar het café.

Als je goed ontwikkelde spieren wilt hebben, kun je ze gaan trainen. Je zorgt voor een mooi opgebouwd trainingsschema dat bij jouw startsituatie past. Op basis daarvan zet je je spieren flink aan het werk en je maakt het steeds een klein beetje zwaarder voor jezelf, net zo lang tot je de kracht en het figuur hebt gekregen die je graag wilde. Op dat moment kun je niet stoppen met je activiteiten. Als je dat doet, neemt je spiermassa weer langzaam af tot hij past bij de ‘passievere’ leefgewoontes die je nu hebt. Dan moet je weer opnieuw gaan trainen om je spieren weer op te bouwen. Dat gaat waarschijnlijk iets makkelijker dan de eerste keer, omdat je al weet hoe het werkt en weet dat je ertoe in staat bent. Maar toch kost het weer een hoop tijd en energie, omdat je ‘uit training’ bent geraakt.

Precies hetzelfde geldt bij het opbouwen, vergroten en onderhouden van je zelfvertrouwen. Je begint bij het begin. Je moet jezelf niet forceren, want dan krijg je ‘blessures’ die pijn doen zodat je een tijdje moet wachten tot je hersteld bent en het opnieuw kunt proberen. Telkens als je je eigen grenzen hebt verkend en geleerd hebt dat je meer kon dan je eerst dacht, verleg je je grenzen weer een stukje. Dit kost tijd en geduld.

Het is ook niet zo dat je op een gegeven moment ‘klaar’ bent en de rest van je leven geen aandacht meer hoeft te besteden aan je ontwikkeling en je zelfvertrouwen. Er komen steeds nieuwe situaties en nieuwe mensen in je leven, die nieuwe stappen van je vragen. En je moet jezelf regelmatig laten zien waar je toe in staat bent. Anders vergeet je het als het ware, zodat je wereld weer kleiner wordt en je vertrouwen in jezelf in allerlei verschillende situaties dus ook.

Bij sporten en spiertraining zullen er periodes zijn dat het wat minder lekker gaat. Misschien ben je bijvoorbeeld even niet fit of gebeurt er teveel tegelijk om alles te kunnen verwerken. Het kan zelfs gebeuren dat er zoveel dingen zijn die belangrijk zijn (of lijken), dat je training er een tijd bij inschiet. Zulke dips of zelfs een echte terugval kun je ook ervaren bij het opbouwen en onderhouden van je zelfvertrouwen.

Dit iets natuurlijks: niemand kan altijd op zijn best zijn. Het helpt om dat te beseffen en erop voorbereid te zijn. Het is zelfs zo, dat moeilijkheden vaak een aanleiding zijn om je verder te ontwikkelen. Misschien heb je dus geen echte dip, maar ben je gewoon op het punt beland dat je een grote stap kunt zetten.

Het zou dus zonde zijn om een terugval als excuus te gebruiken om het bijltje erbij neer te gooien. Jezelf vertellen dat het toch niets wordt en dat al je harde werk voor niets is geweest, is funest voor je zelfvertrouwen. Als je behoefte hebt aan steun, ontspanning of een pauze, dan kun je die ook voor jezelf regelen zonder jezelf de grond in te praten. Sterker nog: misschien was dat wel de les die nu op je lag te wachten: dat op jezelf vertrouwen niet altijd betekent dat je keihard moet werken, maar dat je ook af en toe iets los mag laten en mag ontspannen.

> Doen: een kleine stap zetten

Bij elk leerproces is het slim om je stappen zo klein te maken, dat je gevoel krijgt dat je ze zo kunt zetten. Dan ga je er niet tegenaan zitten hikken. Bovendien bezorg je jezelf meteen de eerste successen – en dat geeft zelfvertrouwen.

Wat zou voor jou een kleine, maar nuttige stap zijn om je zelfvertrouwen te vergroten? Zo’n kleine stap is genoeg om je leerproces in gang te zetten. Concentreer je dus op die stap; ingewikkelder is het niet.

(Ik ben aanvullingen aan het schrijven voor het boek ‘Meer rust’ dat in september verschijnt. Dit hoofdstuk is uiteindelijk niet nodig, dus hebben jullie nu alvast wat!)

Hormonen en afvallen

afvallen dieet afslanken lijnen hormonen hormoonfactorOmdat zoveel mensen problemen hebben met hun gewicht, wordt er continu onderzoek gedaan naar de oorzaken. Een van de aandachtsgebieden is daarbij je hormoonsysteem.

Voorbeelden van hormonen die met je gewicht te maken hebben:

  • Cortisol: het hormoon dat aangemaakt wordt bij chronische stress. Het zorgt onder andere dat je lichaam van alles gaat doen om te overleven. Energie en vocht vasthouden bijvoorbeeld en spieren afbreken.
  • Insuline, dat regelt dat suiker vanuit je bloed naar je cellen laat gaan – of op andere manieren uit je bloed laat verdwijnen als er teveel suiker in zit.
  • Ghreline, een hormoon dat je eetlust opwekt en leptine, dat je een verzadigd gevoel geeft.
  • Mannelijke en vrouwelijke hormonen (die mannen en vrouwen overigens beiden hebben): testosteron zorgt bijvoorbeeld voor spieropbouw, terwijl teveel oestrogeen of te weinig progesteron er juist voor kan zorgen dat je meer vet vasthoudt.

Dit zijn maar een paar hormonen. En om het allemaal nog ingewikkelder te maken, beïnvloeden ze elkaar ook nog allemaal. Maar natuurlijk geef ik liever het goede nieuws. Hier komt het.

Om je hormoonsysteem in balans te houden, hoef je niets geks te doen.

Het draait gewoon weer om genoeg slapen, gezonde, pure producten eten als je honger hebt, zorgen voor voldoende ontspanning, elke dag water drinken en regelmatig bewegen (zonder daarbij extreem zwaar te sporten). Dus zelfs als je alles over die hormonen weer vergeet en gewoon goed voor jezelf zorgt, doe je het prima.

Nog meer goed nieuws: al die hormonen beïnvloeden elkaar, dus ook andere problemen of klachten die je hebt die met hormonen te maken hebben, kunnen aanzienlijk minder worden als je goed voor jezelf gaat zorgen. Bijvoorbeeld een slechte huid, geen zin in seks of overgangsklachten.

Oh ja, en het is sowieso erg fijn om je fit, aantrekkelijk en ontspannen te voelen.

Apport!


Ik heb een kat die apporteert. Normaal doen honden dat: je gooit een bal weg en dan gaan ze hem halen en leggen hem naast je neer. Onze andere kat apporteert niet. De meeste katten doen het volgens mij niet. Yoki wel.

Het gaat als volgt: ik zit te werken aan mijn bureau en dan hoor ik wat geschuifel onder mijn stoel. Ik kijk naar beneden en dan ligt er een grijs speelmuisje naast mijn stoel. Dan kijk ik achterom en dan zie ik in de gang, bovenaan de trap, Yoki liggen die me verwachtingsvol aanstaart. Ik gooi vanaf mijn werkplek het muisje met een boog van de trap af en zie Yoki zich er achteraan storten. Een halve minuut later ligt het muisje weer naast mijn stoel en is het de bedoeling dat ik het nog een keer gooi.

Ze houdt dit rustig een half uur vol. Niet mijn meest productieve half uur van de dag, maar ik kan tussendoor best een blogtekst typen ofzo. :-) Nu moet ik het muisje weer even gooien, moment…

Wat hier nou zo leuk aan is, is dat het laat zien dat een levend wezen patronen kan aanleren. Yoki heeft eens een muisje naast mij neergelegd en toen gooide ik het weg. Dat was leuk, dus legde ze het weer naast me neer. En het is voor haar ook helemaal geen vraag of ik het weer ga gooien, ze gaat gewoon klaarliggen naast de trap. Zie daar een apporterende kat.

Bij mensen werkt het net zo. Stel bijvoorbeeld dat je gewend bent om direct na het eten op een bepaalde plek op de bank te gaan zitten en de tv aan te doen. Als je dat zes dagen doet, dan denk je er op de zevende dag niet meer bij na. Je zit al op de bank en hebt de afstandsbediening al in je hand voordat je een besluit hebt genomen over wat je die avond wilt doen.

Als ik Yoki’s muisje niet meer gooi, zal ze dat heel jammer vinden. Haar spelletje is weg, wat nu? Waarschijnlijk gaat ze na een tijdje ronddrentelen in een plant hangen of in de gordijnen om mijn aandacht te trekken. En dan gooi ik toch het muisje maar weer…

Ook dit werkt bij mensen net zo. Als jij op die bank gaat zitten en je mag de tv niet aanzetten omdat je dat beter vindt voor jezelf, dan kun je daar behoorlijk onrustig van worden. Je hebt nog geen andere gewoontes en bovendien: waarom moet je leven zo ingewikkeld zijn? Waarom zou je niet gewoon die tv weer aanzetten? Op een gegeven moment heb je daar genoeg van en dan is de kans groot dat je inderdaad de tv weer aanzet.

Stel nu dat er een moment komt dat ik geen muisjes meer wil gooien. Dan is er een slimmere stap om te zetten: de situatie veranderen. Bijvoorbeeld ergens anders gaan zitten, schoon water in het bakje van de katten gaan doen of een ander speeltje neerleggen ergens in het huis en daar de aandacht op vestigen. Zo lang ik op dezelfde plek in huis zit in dezelfde houding, komt Yoki haar muisje brengen. Als ik er niet zit, doet ze dat niet.

Kortom: als je een gewoonte wilt veranderen bij jezelf, verander dan ook iets in de rest van je patroon. Ga aan de andere kant van de bank zitten. Verplaats spullen. Doe dingen in een andere volgorde. Als je alles hetzelfde blijft doen, is het heel lastig om dat ene ding te veranderen. Verstoor je automatismes, dan lukt het veel beter. Handig om te weten als je goede voornemens hebt…

Het ijsje met de minste calorieen

freeimage-993011-webIk vind het jammer dat er in de zomer altijd allerlei calorievergelijkingen voor ijsjes verschijnen. Ik kan namelijk maar 1 goede reden bedenken om een ijsje te eten:
Je hebt zin in de smaak van dat ene ijsje.

En dan moet je dus niet een ander ijsje nemen, omdat dat minder calorieën bevat!

Er zijn ook andere redenen om een ijsje te nemen, bijvoorbeeld dat je het warm hebt en iets kouds wilt. Of dat je zin hebt in iets lekkers en omdat het zomer is, denk je dan aan ijsjes. Of omdat iedereen een ijsje neemt en je jezelf zielig vindt als jij er geen mag.

Maar mijn ervaring is, dat je dan je echte behoefte niet vervult met een ijsje. Als je koelte zoekt, kan dat ook zonder een ijsje. Als je zin hebt in ‘iets lekkers’ zonder dat dat een specifieke smaak is, betekent het meestal dat je onrust voelt en die gaat niet weg door een ijsje. En als je jezelf zielig vindt als je iets niet mag, moet je jezelf vooral niet het lekkerste ijsje verbieden omdat daar meer calorieën in zitten. Dan kun je beter het lekkerste ijsje nemen en daar echt van proeven. En dan stoppen als het minder lekker wordt.

Dat laatste geldt trouwens ook als je het ijsje voor de smaak had gekozen. In totaal krijg je vaak veel minder calorieën binnen als je een half lekker ijsje eet, dan als je een heel ijsje eet dat minder lekker en calorie-arm is…

P.S. Als ik halverwege genoeg heb van mijn Cornetto, bijt ik wel altijd het onderste puntje van het hoorntje er vanaf voor ik hem wegdoe. :-)

1 8 9 10 11