Tag archief: emotie-eten

Kerststress

Een (nogal oppervlakkig) onderzoekje opperde dat Britse vrouwen de tijd voor kerst erg stressvol vinden. Ze slapen er zelfs slechter van. Nu hoop en denk ik, dat Nederlanders iets nuchterder zijn rondom de kerst. Maar het kan wel zijn dat je meer mensen ziet, meer bezoek ontvangt of extra behoefte hebt om het gezellig te maken. De normen en verwachtingen die daarbij horen, kunnen stress veroorzaken.

Als je dat herkent, heb je het in deze tijd van het jaar waarschijnlijk druk genoeg. Met alles afmaken dat op je lijstje stond voor dit jaar, menu’s bedenken, cadeautjes regelen, kaarten versturen, het huis aan kant maken, enzovoort. Ik hou mijn tip dus kort. Daar komt ‘ie:

Een goed gevoel en mooie herinneringen krijg je niet door een perfect huis, een perfect diner of een perfect uiterlijk. Ze ontstaan door echt contact. Dat kun je krijgen door:

  • aandacht voor de mensen om je heen (wat houdt ze bezig, hoe gaat het met ze?)
  • aandacht voor je eigen lichaam en geest (wat heb je nodig om je fit en vrolijk te voelen?)
  • aandacht voor alles wat prettig is (een warm huis met mensen die je dierbaar zijn, iets gezonds en smaakvols om te eten, een goeie stoel om in te zitten, een hap frisse lucht, een bed dat klaarstaat als je moe bent…)

En de belangrijkste voorwaarden hiervoor zijn waarschijnlijk tijd en rust. Dus laat lekker tien steken vallen uit je perfecte schema of eindplaatje. Kijk om je heen, luister, proef en voel plezier.

Ik schiet tekort – dus ik moet nog meer doen!

boom_smallVeel mensen gaan (meer) eten als ze last van onrust hebben. En een belangrijke bron van onrust kan zijn, dat je teveel van jezelf verwacht.

Daarbij kan iets interessants gebeuren: wie merkt dat hij tekortschiet, wil dat ‘goedmaken’ door nog harder te werken. Hij voegt dus nog meer taken en verplichtingen toe. Alleen weet je dan zeker dat je het niet waar kunt maken. Je oude verwachtingen waren immers al te hoog, laat staan dat je nog meer kunt toevoegen. Zo bouw je almaar meer onrust op. En meer eetneigingen.

Eigenlijk creëer je op deze manier dus een onmogelijke situatie voor jezelf en maak jezelf wijs dat je enige oplossing is om het probleem nog erger te maken door nog hogere eisen te stellen…

Een alternatief: als je steeds je eigen normen niet haalt, doe dan even pas op de plaats. Merk op dat je onrustig bent en dat je strategie niet werkt. Kies je de belangrijkste dingen uit, maak je een haalbaar lijstje en geef je die dingen je volledige aandacht. Geef jezelf na elke taak die je afrondt even de tijd om plezier en tevredenheid te voelen.

5 redenen waarom je meer gaat snoepen als je moe bent

  1. Je cellen nemen slechter energie op, waardoor je een gevoel van energietekort krijgt. Je lichaam lijkt om snelle energie te vragen: geef mij suikers! (Maar eigenlijk heb je rust en slaap nodig.)
  2. Je verzadigingsmechanisme werkt niet goed, omdat je hormoonsysteem ontregeld raakt bij vermoeidheid.
  3. Je lichaam voelt onrustig aan, omdat het iets tekort komt. De onrust van vermoeidheid wordt gemakkelijk verward met honger.
  4. Je bent te moe om tijdig goed eten voor jezelf te regelen, dus ga je lopen snaaien en snacken.
  5. Omdat je moe bent lukt alles minder goed, wat onrust geeft. Daar gaan mensen vaak van snoepen. Zeker als je weinig energie en wilskracht hebt, omdat je moe bent.

Heb jij last van teveel prikkels?

goudvis smallVeel mensen die worstelen met hun gewicht, hebben last van teveel prikkels. Ons inwendige systeem is namelijk gemaakt om te overleven in schaarste. Als je het risico loopt dat je dingen tekort komt, kun je in schaarste maar beter gebruik maken van alles wat je tegenkomt. Eten bijvoorbeeld. En informatie.

We komen daarmee in de problemen nu er geen schaarste meer is, maar een overvloed aan aanbod. Overal is eten en informatie, er kan van alles. En voor selecteren en ingewikkelde keuzes maken, zijn we helemaal niet gemaakt! Zo kan het gebeuren dat je teveel ‘tot je neemt’, of de verkeerde dingen.

De overvloed kun je niet afschaffen. Wel kun je jezelf een kader geven: welke dingen zijn goed en belangrijk voor je? Wat wil je bijvoorbeeld eten op een dag, welke informatie vind je echt nuttig en in welke mensen en taken wil je als eerste energie steken? Hoe meer je daarover weet, des te meer verdwijnt de ‘ruis’ van andere dingen naar de achtergrond.

“Ik vind het gewoon heel lekker” – wat moet je dan?

Stel dat er eten of drinken bestaat dat je heel lekker vindt. Bijvoorbeeld chocolade, kaas of wijn. Je neemt dat regelmatig, misschien zelfs elke dag, omdat je het zo lekker vindt. Maar je wilt niet te dik worden. Moet je nu je lekkers afstaan?

Als je het gevoel hebt dat je (al je) plezier moet inleveren om te kunnen afvallen, is de kans groot dat je heen en weer gaat zwalken tussen streng zijn en dan weer doorslaan in je oude gewoontes.

Wat je zou kunnen helpen, is nog eens kijken naar dat wat je zo lekker vindt. Er zijn verschillende manieren waarop iets lekker kan zijn, bijvoorbeeld:

  1. Je concentreert je op de smaak in je mond en proeft echt (wordt na een paar happen/slokken minder interessant, dus leidt niet tot veel eten of drinken);
  2. Je zegt tegen jezelf dat het zo heerlijk is dat je dit mag eten/drinken (wil je mee doorgaan, je wilt jezelf ‘vol maken, vervullen’ en even weg zijn van eisen en verplichtingen);
  3. Je creëert een ritueel om het voor jezelf leuk of gezellig te maken, waar het eten of drinken bij hoort (wil je mee doorgaan, want als je stopt wordt het weer saai);
  4. Je leidt jezelf af van vervelende dingen (stress, vermoeidheid, verdriet, teleurstelling, etc.) en het is lekker om die even niet te hoeven voelen (wil je mee doorgaan, want zodra je stopt is het vervelende gevoel weer terug).

Mensen denken vaak dat het het eerste is, maar als ze er een beetje induiken, blijkt het een van die andere dingen te zijn. En als het een van die andere dingen is, is je echte behoefte niet dat eten of drinken. Waarschijnlijk is er dus een betere manier om te krijgen wat je zoekt.

Bij punt 2 zou het kunnen zijn dat je meer ruimte nodig hebt voor jezelf of meer ontspanning in je dagen zoekt. Bij punt 3 kun je bijvoorbeeld behoefte hebben aan meer echt contact, een prettige omgeving of meer plezier. Bij punt 4 is er iets aan je leven wat je niet bevalt en moet je erachter komen wat dat is zodat je weer rust krijgt. Of je bent bang voor vervelende gevoelens en moet leren dat je die kunt overleven.

Zelfstudieles: alert zijn op eetbuien, snaaien en ander vluchtgedrag

Je was echt van plan om gezonde keuzes te maken, maar ineens kom je erachter dat je toch een zak chips of drop hebt leeggeten. Of dat je weer de hele avond voor de tv hebt gehangen in plaats van te sporten. Of bijvoorbeeld de hele dag druk bent geweest met andere mensen en jezelf voorbijgerend bent. Deze zelfstudieles gaat over het herkennen van vluchtgedrag. Wanneer ‘klopt’ het nog wat je aan het doen bent? En wanneer niet meer?

Doelen van deze Weg met de Weegschaal zelfstudieles:

  • Je kent het verschil tussen iets doen voor je plezier en datzelfde doen als vluchtgedrag.
  • Je herkent je eigen favoriete vluchtwegen.

Dit is een les voor één week. Je berichten komen per e-mail.

Let op: als je een nieuwe zelfstudieles start, worden de berichten van een eventuele vorige les gestopt, zodat je kunt focussen op één onderwerp.

Terug naar het overzicht van zelfstudielessen.

Kriebel

Ik heb een muggenbult. Hij kriebelt enorm. Ik weet dat ik beter niet kan krabben, want dan wordt hij groter en wordt de kriebel erger. Maar ik moet er echt aan krabben, want de jeuk is niet te harden.

(krabkrab)

Hè, dat lucht op. Pffft.

Oh, nu begint hij alweer te kriebelen. Nog een keer krabben!
Hm, nou is hij rood en opgezwollen en wordt het alleen maar erger. Ik had beter niet kunnen krabben. Stom.

Aaarggghhh. Nog maar eens krabben?

– – – – –

Het belangrijkste zinnetje in het voorgaande stukje is misschien wel: “ik moet er echt aan krabben, want de jeuk is niet te harden”. Daarmee zei ik tegen mezelf: ik heb geen keuze.

Hetzelfde doen mensen vaak als ze zin hebben in eten/snoepen als ze geen honger hebben. Ze vertellen zichzelf dat de onrust die ze voelen ondraaglijk is. En zo voelt het ook! Maar dat je geen keuze hebt, dat de onrust sterker is dan jij – dat is niet waar. De vergelijking met de muggenbult gaat heel goed op. Denk er maar eens over na.

(De online les over onrust anders opvangen gaat hier trouwens verder op in.)

Zelfstudieles: onrust anders opvangen zodat je niet gaat eten

Eten uit onrust (of emotie-eten, als je het zo liever noemt), kan heel vervelend zijn. Het geeft je het idee dat je machteloos bent, dat er een duistere kracht is die je naar de kast of de koelkast stuurt. Je eet teveel of de verkeerde dingen en achteraf voel je je helemaal niet voldaan en rustig. Eerder schuldig, moe of leeg. En je komt ervan aan natuurlijk, want je lichaam had al dat eten of snoep niet nodig.

Deze zelfstudieopdracht laat je zien hoe je anders op je onrust kunt reageren, zodat je je steeds beter gaat voelen en eetbuien voorkomt.

Doelen van deze Weg met de Weegschaal zelfstudieles:

  • Je weet dat onrust niet schadelijk is.
  • Je weet dat onrust je iets probeert te vertellen.
  • Je weet hoe je onrust kunt laten zakken.

Dit is een les voor één week. Je berichten komen per e-mail.

Let op: als je een nieuwe zelfstudieles start, worden de berichten van een eventuele vorige les gestopt, zodat je kunt focussen op één onderwerp.

Terug naar het overzicht van zelfstudielessen.

 

Nooit meer ongezond snacken

Voor veel mensen een hele uitdaging: stoppen met ongezond snacken en snaaien. Het wordt haast een onmogelijke opgave als je daarmee bedoelt dat je nooit meer iets lekkers mag, omdat je daar dik van wordt of omdat het ongezond is. Dat je voortaan dus alleen maar gezonde dingen mag eten als je honger hebt. En verder niets.

Misschien wordt het leven wat gemakkelijker en leuker als je een betere omschrijving kiest voor ‘ongezond snacken’. Bijvoorbeeld: ongezond snacken is iets eten met weinig voedingswaarde, terwijl ik honger heb en mijn lichaam dus voeding nodig heeft (en er best gezond eten te krijgen is).
Ongezond snacken is ook iets te eten nemen dat ik niet superlekker vind, terwijl ik ook geen honger heb. Dan heb je er namelijk niets aan, maar je krijgt wel calorieen binnen.
Nog een vorm van ongezond snacken: is iets heel lekkers eten zonder te proeven. Daar valt ook onder: jezelf wijsmaken dat je proeft, terwijl je niet echt op de smaak let maar vooral tegen jezelf zegt dat het heel lekker is en dat je niet wilt stoppen met eten. Geeft geen voldoening namelijk.

Wat ik zeker niet als ongezond snacken zou betitelen: zin hebben in iets heel specifieks, dat voor jezelf regelen en ervoor gaan zitten om dat heel goed te proeven. Hap voor hap genieten tot je genoeg hebt en dan de rest wegdoen omdat je de ervaring alleen maar tekort zou doen als je er verder van eet terwijl het bijzondere eraf is. En dan blij zijn dat je zoiets lekkers hebt geproefd.

Dat is geen ongezond snacken. Dat zijn zeldzame momenten dat je extra geniet van het leven.

Stressen om rust te krijgen?

Misschien herken je dit wel: je loopt jezelf op te jagen met het idee: “Als ik dit voor elkaar heb, dán krijg ik rust.” Met andere woorden: nu kan ik geen rust hebben, want mijn leven en ik zijn niet goed genoeg.

Het vervelende is: er is altijd wel iets wat je niet onder controle hebt. Komt die rust en ontspanning er dan ooit wel van?

Het werkt beter om het om te keren. Laat eerst tot je doordringen dat jij en je leven nu al goed genoeg zijn en ontspan. Dan kun je daarna met plezier de dingen gaan doen die je belangrijk vindt.

1 2